De mens deelt terugkijkend zijn ervaring van tijd. Dat het leven zo snel voorbij lijkt te gaan. Dat het mooie zo vlug en ijl lijkt. Dat opvattingen en gebeurtenissen een stempel kunnen drukken op een heel leven.

Geen gedachten aan tijd. Helemaal geen gedachten maken. Geen vragen. Geen antwoorden noodzakelijk. Zijn verklaringen werkelijk nodig? Is een verklaring ooit honderd procent juist geweest?

Hoe snel is er een nieuwe vraag? Een nieuwe gedachte? Om de tijd door te komen? Om niet werkelijk compleet te zijn? De gedachte is het mes van analyse. Het mes dat iets toevoegt? Of het mes dat alles kapot snijdt? Geeft de chirurg het antwoord in het gezegde dat van snijden snijden komt?